Geen transitievergoeding bij herplaatsing?

Is de werkgever een transitievergoeding verschuldigd als een langdurig arbeidsongeschikte werknemer na twee jaar ziekte wordt herplaatst in een andere functie met een lager salaris? Dat is de inzet van een rechtszaak waar de Hoge Raad zich binnenkort zal moeten buigen. Voordat de Hoge Raad uitspraak doet, brengt de advocaat-generaal advies uit over de voorliggende kwestie. Dit advies wordt door de Hoge Raad niet altijd gevolgd, maar is wel zwaarwegend en vormt een indicatie voor de uitspraak die de Hoge Raad gaat doen.

Waar gaat de zaak over?

Een leerkracht werd ziek. Na 2 jaar oordeelde het UWV dat de werkneemster niet geschikt was voor de eigen functie, maar wel voor de functie van onderwijsassistent. De werkgever herplaatste werkneemster dan ook in deze functie. In de functie van leerkracht had werkneemster een arbeidsomvang van 1,0. Als onderwijsassistent werd zij benoemd voor 0,8. Volgens de bedrijfsarts was dat immers de maximale belastbaarheid. In de Kolom-beschikking is reeds geoordeeld dat een transitievergoeding verschuldigd is bij een structurele vermindering van de arbeidstijd van tenminste 20%. Werkneemster maakte in ieder geval aanspraak op de transitievergoeding wegens vermindering van de arbeidstijd.

Hoe zit het met het inkomensverlies wegens herplaatsing in een lagere functie?

Werkneemster is mening dat zij aanspraak maakt op de transitievergoeding als gevolg van de salarisvermindering wegens herplaatsing in een lagere functie. De vraag die aan de Hoge Raad voorligt is de volgende:

Dient met een vermindering van de arbeidsduur gelijkgesteld te worden een vermindering van het salaris als gevolg van een functiewijziging, met dien verstande dat in dat geval ook recht op een transitievergoeding bestaat naar evenredigheid van de salarisvermindering?

Nee, zegt de advocaat-generaal in haar conclusie van 28 februari 2020. Een van de wettelijke voorwaarden voor beëindiging van het dienstverband dat er geen herplaatsingsmogelijkheden zijn. In onderhavige kwestie was de herplaatsingsmogelijkheid aanwezig. Werkneemster is herplaatst, waardoor het dienstverband niet is beëindigd. Aangezien het dienstverband niet is beëindigd heeft werkneemster geen recht op een transitievergoeding.

De aanspraak op de transitievergoeding is volgens de advocaat-generaal onlosmakelijk verbonden aan het ontslag van een werknemer. Bij herplaatsing in een andere functie wordt een werknemer niet ontslagen. Het dienstverband wordt voortgezet. Bij inkomensverlies als gevolg van herplaatsing maakt de werknemer dus geen aanspraak een transitievergoeding.

Het is nu aan de Hoge Raad om de conclusie al dan niet over te nemen. We wachten het rustig af.